zaterdag 13 januari 2018

Het aanbidden van Bowie

Twee jaar geleden zat ik effe niet lekker in m'n vel. En toen ging David Bowie dood, waardoor hij opeens zichtbaar werd voor mij. Nog diezelfde week haalde ik Bruce Springsteen van zijn voetstuk af en zette ik Bowie erop. Maar ik zou mezelf niet zijn als ik niet zou willen begrijpen waarom. Als klein meisje dreef ik mijn moeder al bijna tot waanzin met mijn waarom-vragen. Dus brak ik me het hoofd over de vraag waarom uitgerekend David Bowie mij in die periode - notabene morsdood - zo'n goed gevoel gaf. Het antwoord bleek uiteindelijk niet zo heel ingewikkeld. Bowie stond voor alles wat ik bewonder in een mens.

Hij trok zich geen barst aan van kritiek en durfde anders te zijn. Hij durfde zijn nek uit te steken. Hij barstte van het zelfvertrouwen. Hij bewandelde zijn eigen pad op zijn eigen manier. Ook was hij welbespraakt en intellectueel. Bovendien deed hij aan transcendente meditatie. Volgens mij had hij een ijzeren zelfdiscipline. Tel daar de songs, de stem, het talent, zijn gedistingeerdheid en de looks bij op en je hebt een soort Jezusfiguur.

Toegegeven: ik was geobsedeerd door de man. Dat is veranderd in een gezonde belangstelling, maar terugkijkend heeft het adoreren van Bowie me wel het één en ander gebracht. Ten eerste natuurlijk de muziek. Om van te kwijlen zo mooi; het dipje verdween als sneeuw voor de zon. Ten tweede herinnerde hij mij aan mijn wens om dichter bij mezelf te staan, mijn eigen weg te gaan en me minder te laten afleiden door anderen én zaken die er niet toe doen. En dat ik mijn schouders kan ophalen als ik merk dat iemand mij niet waardeert.

Je zou het niet zeggen, maar ik las dat hij, net als ik, introvert was (Barack Obama trouwens ook). Kennelijk had ook hij het nodig om zich af en toe terug te trekken om weer op te laden. Volgende week gaan we naar het Celebrating David Bowie concert in Utrecht. Vorig jaar waren we erbij in Londen. In Utrecht wordt het vast ook genieten!

vrijdag 17 november 2017

George

Op de havo maakte ik mede dankzij mijn vriendin Mieke kennis met The Beatles. Dat moet rond 1990 zijn geweest. Jee, John Lennon was toen nog maar 10 jaar dood, realiseer ik me nu. Destijds voelde dat als een eeuwigheid geleden! Mieke en ik raakten enorm geobsedeerd door The Beatles. Ik was vooral geïntrigeerd door Lennon; Mieke door McCartney. YouTube bestond nog niet, dus we moesten ons zien te redden met videobanden, lp's, cassettebandjes en later cd's. M'n boekenkast raakte gevuld met boeken over The Beatles (ik had ze onlangs bijna voor 30 euro verkocht via Marktplaats; gelukkig bedacht ik me net op tijd).

Ik hield vooral van het latere werk van The Beatles, met White Album als mijn favoriete plaat. Ook werd ik erg enthousiast van de soloplaten van Lennon. De liedjes van George Harrison vond ik ook wonderschoon: While my guitar gently weeps (alleen al die eerste klanken...). Harrison leefde toen nog en speelde in de legendarische Traveling Wilburys. Mieke en ik bezochten de fanclubdag en een concert van de Bootleg Beatles. Ook brachten we vele middagen gitaarspelend en zingend door. Het griezelige was dat Mieke zich op die momenten echt McCartney voelde en ik Lennon. We waren zelfs misplaatst jaloers op Linda en Yoko.

Maar zoals dat gaat met mensen die volwassen worden, verdwenen ook bij mij in de loop der jaren de posters van de muren. Mijn Beatles-obsessie veranderde in gezond enthousiasme voor de Fab Four. Toen ik onlangs door de bibliotheek wandelde, viel mijn oog op een joekel van een boek over George Harrison. Dat moest mee. Lezend (en foto's kijkend) werd ik geraakt door de persoon die hij was. Hij was echt geen saint, maar hij was wel erg spiritueel en droeg dat ook uit. Zijn boodschap kwam kort gezegd hierop neer: Geniet van het leven. Alles gaat voorbij, maar wees niet bang: God (of hoe je hem ook noemen wilt) is overal en om je gelukkig te voelen hoef je alleen maar zijn naam te chanten. Hij ging daar vol voor.

Het boek heeft iets in mij losgemaakt. Ik loop al jaren rond met de wens om te gaan mediteren, maar gaf het na een paar halfslachtige pogingen op. Nu besef ik dat als ik iets wil, ik moet doorpakken. Daarom ga ik volgende maand naar een introductiebijeenkomst over transcendente meditatie (TM) in Deventer. De grondlegger van TM is de Maharishi, die het in de jaren 60 nog persoonlijk aan John, Paul, George en Ringo heeft onderwezen. Ik heb er hoge verwachtingen van. Ik hoop dat meditatie een bepaalde leegte in mijn hart vult, die ik nu nog vul met het kopen van spullen die ik niet nodig heb en het staren naar beeldschermen die zelden iets tonen dat mijn leven verrijkt. Ik hoop dat het mij ertoe aanzet om meer vanuit mijn hart te leven (het begin is in elk geval al gemaakt).

Ik luister nu veel naar de liedjes van George Harrison. Vanmorgen kwam in een afspeellijst op YouTube een instrumentaal nummer van hem voorbij: Marwa Blues. Ik had het nog nooit eerder gehoord. Er gebeurde iets bijzonders: de klanken die Harrison uit zijn gitaar toverde, veroorzaakten tranen in mijn ogen. Dat overkomt mij zelden tot nooit. Harrison was een heel bijzonder mens. Ik ben dankbaar voor zijn leven en de dingen die hij heeft nagelaten.

woensdag 15 november 2017

Lenie

Vanochtend was ik bij een hele bijzondere vrouw op bezoek. Lenie. Ze leek helemaal nog geen 84 jaar oud en had een uitstraling van heb ik jou daar. Ze vertelde me dingen die de collega's op mijn werk lariekoek zouden vinden, maar die ik heel logisch en mooi vond. Dat ze drie jaar geleden haar engel had gezien, bijvoorbeeld. Dat er allerlei interessante informatie is af te leiden uit mijn geboortedatum. Dat ik volgend jaar een grote spirituele groei zou kunnen doormaken. En dat zij in de bijenwastekening die ik bij haar aan de keukentafel maakte, af kon lezen hoe de komende negen maanden van mijn leven eruit gaan zien.



De tijd vloog voorbij bij Lenie. We dronken koffie en praatten over van alles en nog wat. Ik stelde de vragen waar ik al een tijdje mee rondloop en zij antwoordde met de informatie die ik nodig had. Een mooi mens, noemde ze me. Ze zag een paar keer een enorm groot wit aura boven mijn hoofd. Ik mag gaan leren om te laten zien wie ik ben, in plaats van wie men wil dat ik ben. Op mijn werk willen ze dat ik uit mijn schulp kruip; extravert wordt; niet zo verlegen en gevoelig. Ook anderen zien mijn gevoeligheid soms als een zwakte en bekijken me soms als een rare emo-tuttebel. Dat deed ik zelf ook jarenlang. Maar die tijd is voorbij. In mijn gevoeligheid ligt juist mijn kracht. En ik ben niet raar, maar juist bijzonder. Mooi! Dus bij deze een streep onder alle kritiek die er is op wie ik ben als persoon; of die nou van buiten of van binnen komt. Ik ben gewoon hartstikke cool.

Dank je wel, Lenie. X

vrijdag 2 juni 2017

Eddie




Als studente in de 90's was ik erg gehecht aan twee cassettebandjes. Op de één stond Ten van Pearl Jam en op de andere stond VS van Pearl Jam. Man man man. De stem van Eddie Vedder, de gitaren, de melodieën, de intensiteit! Het derde album, Vitalogy, kocht ik op vinyl. Ik was erg trots op het bezit van die plaat die ik na te hem te hebben uitgeleend nooit meer terugzag. Of het één met het ander te maken heeft weet ik niet, maar ik verloor vervolgens ook de band uit het oog.

Eddie Vedder kwam weer in mijn blikveld rond de tijd dat Into The Wild uitkwam. Steven kocht de elpee van de soundtrack. Weer was ik direct verkocht, en verknocht aan die plaat. Ook zijn 'Ukelele songs' waren bij mij aan het goede adres. Eddie heeft een stem waar ik met mijn goede gedrag al urenlang woorden voor probeer te verzinnen, maar zo'n beste schrijver ben ik nog niet. Laat ik het erop houden dat zijn stem iets machtigs heeft en tegelijkertijd iets kalmerends en geruststellends. Ik houd er ontzettend van.

Steven en ik bezoeken de laatste jaren geregeld concerten, van Neil Young tot en met Bruce Springsteen. "Eddie Vedder staat ook nog op mijn lijstje hoor", riep ik steeds vaker. Het geluk stond aan mijn kant: Mojo kondigde afgelopen winter aan dat hij in mei 2017 naar Amsterdam zou komen. Ik legde beslag op twee tickets. De hoge prijs kon me aan m'n reet roesten. Ik moest en zou erheen.

Het werd een bijzondere avond. Ook wel een beetje raar. Negen dagen ervoor had één van Eddies beste vrienden, de fantastische zanger Chris Cornell (Soundgarden), suïcide gepleegd. Eddie, voor ons een stipje in de verte, noemde Chris' naam niet één keer; maar was hoor- en voelbaar in de rouw. Na The End aarzelde hij even, verliet vervolgens abrupt het podium, maar kwam toch snel weer terug. Die worsteling. Veel mensen hadden betraande ogen.

Het was wonderlijk, ingetogen, emotioneel. Ik heb een afspeellijst gemaakt van de nummers die hij speelde. Van sommige liedjes begreep ik later pas waarover ze gaan. Bijvoorbeeld I'm so tired (over depressie) van de mij onbekende band Fugazzi en andere, mij nog onbekende Pearl Jam-songs over de dood en afscheid. Pareltjes zitten ertussen.

Ik haal nu in en maak dankbaar gebruik van YouTube en Spotify om te beluisteren wat Pearl Jam heeft gemaakt in de tijd dat ik ze kwijt was. De hele harde schreeuwnummers zijn niet aan mij besteed - hoewel, in boze buien... best lekker - maar ik ben heel vaak verrast door melodieën en lyrics. En steeds weer die stem van Eddie Vedder. Die blijft me overdonderen.

Links:

vrijdag 19 mei 2017

(Bijna) alles gaat voorbij

Dochter (10) en zoon (14) zijn momenteel in de ban van fidget spinners. God mag weten waarom, want zo'n fidget spinner kan alleen maar ronddraaien. Het zal wel snel overwaaien. Hun plotseling interesse in pony's kan ik beter begrijpen. Voor ons is die hele paardenwereld nieuw, maar ik kan er heel goed inkomen dat het fantastisch moet zijn om samen te werken met zo'n prachtig dier. Hopelijk hebben beiden hun sport gevonden.


Maar hoe tijdelijk of blijvend de dingen ook lijken, uiteindelijk gaat alles voorbij. Nietwaar. Ook het leven. Eergisteren stierf Soundgarden-zanger Chris Cornell. Hij had een dijk van een stem, die ik altijd heb bewonderd. Zo iemand gaat dan toch een beetje bij je leven horen. Helaas heb ik nooit de kans gegrepen om hem live te zien spelen. Des te blijer ben ik dat we binnenkort naar Eddie Vedder gaan, want die staat ook al heel lang op mijn lijstje.

'Alles is vergankelijk', zeggen de boeddhisten zo mooi. Behalve dan - en daar raak ik steeds meer van overtuigd - onze zielen. Dit groeiende besef geeft vertrouwen. Een zekere lichtheid. Dankbaarheid. Natuurlijk maak ik me nog wel eens zorgen, maar hé, daar ben ik dan ook een mens voor. Als ik dat ook niet meer heb, verander ik mijn naam in Dalai LaMartine.

woensdag 3 mei 2017

De krantenjongen


Zwijgend staan we aan de eettafel, mijn zoon en ik. Ik vouw de kranten, hij schuift de folders erin. We zijn niet van die praters. Gelukkig voelen we ons allebei niet gedwongen om een gesprek gaande te houden. Stiltes zijn ook oké. Ik zie aan zijn gezicht dat hij een pauze nodig heeft. "Ik heb zo'n vol hoofd", zucht hij. "Ik ga even op de trampoline springen hoor, is dat goed?" Natuurlijk is dat goed.

Een paar maanden geleden begon hij met zijn wekelijkse bezorgbaantje. Al gauw kreeg hij spijt, want soms is het aantal folders en bijlagen zo groot dat ze niet allemaal in de (joekels van) fietstassen passen. Maar zijn vader steekt hem geregeld de helpende hand toe. Die rijdt er dan achteraan met de auto, met op de achterbank een paar zware kratten vol papier.

Een paar keer viel hij om, met fiets en al. Als het aan hem had gelegen, had hij al lang zijn 'ontslag' ingediend. Maar we willen hem leren doorzetten.

Praten over hoe fijn het is dat hij geld verdient - en hoeveel computerspelletjes hij daar wel niet van kan kopen! - helpt hem daarbij; ook al ziet hij er elke week tegenop.

Als ie is uitgesprongen, zet hij deel 1 van Pirates of the Caribbean op. "Ik wil alle films weer zien voordat ik deel 5 in de bioscoop ga kijken", deelt hij mee. Prima. Kijken en vouwen gaat prima samen, zie ik. Een uurtje later loopt hij richting zijn zwaar beladen fiets. "Heb je je telefoon bij je?" vraag ik. "Oh nee, nog niet. Waar is ie?" Hij snelt naar binnen om hem te zoeken. Daarna, nadat hij - met een beetje hulp - zijn fiets door de poort heeft weten te wurmen, fietst hij weg.

Ruim een uur later is hij terug. Opgewekt, omdat hij het ten eerste alleen en ten tweede supersnel voor elkaar had gekregen. Ook op mijn gezicht komt een glimlach. Voor een kind met autisme kunnen doodgewone taken en klussen soms heel ingewikkeld zijn. Maar mijn zoon laat zien dat hij beschikt over doorzettingsvermogen. En ook al blijft ie lichamelijk nog een klein opdondertje; hij groeit als een malle. Ik ben zo trots als een pauw.

zaterdag 14 januari 2017

Carpe diem

Dat je je gezondheid niet als iets vanzelfsprekends mag beschouwen, is mij de afgelopen dagen extra duidelijk geworden. "Voel me niet goed aan linkerbeen en linkerarm. Weet niet of ik de dokter daarvoor moet bellen. Wat zou jij doen?" appte mijn zus mij een paar dagen geleden. "Je hebt toch geen beroerte gehad?" vroeg ik geschrokken. "Vast niet", antwoordde ze nog.

Gisteren zat ik aan haar ziekenhuisbed toen ze te horen kreeg dat ze een klein herseninfarct heeft gehad. Straks mag ze weer naar huis. Ze kampt nog met een veel te hoge bloeddruk en ernstige hoofdpijn, en haar been 'zwabbert' nog een beetje, maar dat zal gaandeweg vast beter worden. Ik dank God op mijn blote knieën voor het feit dat we haar nog hebben. Dat het goed met haar gaat. 

Het gebeuren heeft me meer dan ooit doen beseffen hoe kostbaar het leven is, dat je goed voor jezelf moet zorgen (toch maar eens wat meer gaan bewegen, en wat vaker fruit pakken in plaats van een stapel chocoladekoekjes) en hoe belangrijk het is dat je niet uitstelt tot morgen wat je vandaag kunt doen. Maar vooral: hoe belangrijk mijn zus voor mij is.

"Ik weet niet of ik het ooit heb gezegd, maar ik hou van je, zus", appte ik haar vanmorgen. "Ik ook van jou hoor." <3